Private Law

Private Law



Page : 1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   


Monitor Gesubsidieerde rechtsbijstand 2011Monitor Gesubsidieerde rechtsbijstand 2011
S.L. Peters, M. van Gammeren-Zoeteweij, L. Combrink-Kuiters

Toegang tot het recht is een belangrijke pijler voor een goed functionerende rechtstaat. De Raad voor Rechtsbijstand maakt zich sterk voor het belang van burgers als zij tegen juridische problemen aanlopen. Dat doet de Raad op basis van de Wet op de Rechtsbijstand. De Raad wijst rechtzoekenden de weg, bevordert een goede toegang tot het recht en stimuleert goede kwaliteit van de rechtsbijstand. Ook fungeert de Raad als kenniscentrum op het gebied van de gesubsidieerde rechtsbijstand. Hierbij is de Monitor Gesubsidieerde Rechtsbijstand (MGR) een belangrijk instrument. Elk jaar publiceert de Raad voor Rechtsbijstand deze monitor om te beschrijven hoe de toegang tot, de vraag naar en het aanbod van gesubsidieerde rechtsbijstand zich ontwikkelen. Door periodiek op een uniforme wijze informatie te verzamelen over een beperkt aantal indicatoren wordt inzicht geboden in trends door de jaren heen. Om tevens inzicht te bieden in de effecten van specifieke beleids- of wetswijzigingen wordt ook verslag gedaan van aanvullende onderzoeken.



€ 24.95 Verkrijgbaar via bol.com of uw lokale boekhandel



De verschillende gezichten van de energieconsumentDe verschillende gezichten van de energieconsument
Saskia Lavrijssen

Volgens de Europese wetgever vervult de energieconsument een belangrijke rol bij de realisatie van de doelstellingen van het Europese energiebeleid, inclusief mededinging, de betaalbaarheid van de energieprijzen, leveringszekerheid en de realisatie van de Europese milieu- en klimaatdoelstellingen. In de praktijk blijkt de consument deze rollen echter maar nauwelijks te vervullen. De energieconsument bestaat niet uit een homogene groep van mensen en heeft meerdere gezichten. Veel mensen maken in de praktijk geen beslissingen die in lijn zijn met het traditionele, rationele keuzemodel waarvan de wetgever was uitgegaan. Zij zijn niet geïnteresseerd om te zoeken naar goedkopere aanbiedingen in de energiesector, maken verkeerde keuzes en zijn zich veelal niet bewust van de mogelijkheden om energiebesparingsmaatregelen te treffen. Deze bijdrage stelt daarom de legitieme vraag of de energieconsument de rollen die de Europese wetgever hem heeft toebedeeld in de praktijk kan en wil waarmaken? Voor de beantwoording van deze vraag komen economie, recht en psychologie samen. De juridische en economische assumpties van de wetgever over de vraag wie de energieconsument is en hoe hij wordt geacht zich te gedragen komen aan de orde. Ook wordt gebruik gemaakt van de laatste inzichten uit de gedragseconomie, die een realistischer beeld geven van de psychologische werkelijkheid van energieconsumenten. Op vernieuwende wijze geeft deze bijdrage handvatten voor de manier waarop de wetgever inzichten uit de gedragseconomie kan integreren in de regulering van de energiesector.

Saskia Lavrijssen (1976) is Hoogleraar Consument en Energie en verbonden aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam. De leerstoel Consument en Energie is ingesteld ter bevordering van onafhankelijk multidisciplinair onderzoek naar de positie van de huishoudelijke en zakelijke consument in de energiemarkt onder de invloed van liberalisering, globalisering en klimaatveranderingsvraagstukken. De leerstoel is mede mogelijk gemaakt door inzet van de Consumentenbond, Vereniging Eigen Huis en de Vereniging voor Energie, Milieu en Water (VEMW).



€ 10.00 Verkrijgbaar via bol.com of uw lokale boekhandel



Wolf Compendium Huurrecht: WoonruimteWolf Compendium Huurrecht: Woonruimte
Danny Vong

Het Compendium is bestemd voor studenten en juristen die in aanraking komen met het huurrecht in hun studie of werk en daarbij snel kennis van het rechtsgebied willen opdoen. Naast het gebruik voor de studie zal ook de jurist die in de praktijk te maken krijgt met het huurrecht een beroep kunnen doen op dit Compendium. Met behulp van schematische overzichten en de belangrijkste hoofdlijnen wordt de regelgeving van de woonruimte in het huurrecht weergegeven. Het doel van het boek is om overzichtelijk en snel informatie te presenteren.    Daarnaast bevat het Compendium de belangrijkste regelgeving met betrekking tot het huurrecht voor woonruimte, zodat de gebruiker te allen tijde de relevante wetten bij de hand heeft. Mr. D. Vong is advocaat bij Van Stiphout Advocaten te Helmond en is daarnaast jaren actief geweest bij de Rechtswinkel te Best als juridisch adviseur. Tevens heeft hij verschillende jaren de functie van pleittrainer voor de Oefenrechtbank vervuld op Tilburg University.



€ 20.00 Verkrijgbaar via bol.com of uw lokale boekhandel



Harnessing Intellectual Property Rights for Development ObjectivesHarnessing Intellectual Property Rights for Development Objectives


Poor management of intellectual property rights and the system of intellectual property rights itself hinder equal research partnerships between the South and the North, and often result in an over-cautious or one-sided Northern investment policy and unnecessary delays in the realization of some of the Millennium Development Goals (MDGs). Central to this report is the double role of intellectual property rights – also referred to in terms like ‘protecting legitimate economic interests’ versus (or alongside) ‘the need to contribute to worldwide development from the perspective of sharing global public goods’, including knowledge. This report is the result of a research project, funded by the Netherlands Ministry of Foreign Affairs and NWO-WOTRO Science for Global Development, on the role of intellectual property rights in realizing some of the MDGs. The emphasis is on issues in the field of access to food and to medicines and on the larger discussions on the present global and regional systems of intellectual property rights.





De benadeelde in milieu- en gezondheidzakenDe benadeelde in milieu- en gezondheidzaken


Op 27 april 2011 heeft de zesde themadag van het Kenniscentrum Milieu en Gezondheid plaatsgevonden met als thema “De benadeelde in milieu- en gezondheidzaken”. In dit kennisdocument vindt u de bijdragen van de sprekers van die themadag.

De inleiding is verzorgd door mr. A. de Lange MPA. Prof. mr. drs. F.C.M.A. Michiels, mr. J.H.G. van den Broek en mr. A.H.J. van den Biesen belichten de positie van de benadeelde in milieuzaken vanuit bestuursrechtelijk perspectief. Prof. mr. Th. A. de Roos en mr. F.P.E. Wiemans stellen de positie van de benadeelde in het milieustrafrecht aan de orde. Mr. R. van den Munckhof bespreekt de mogelijkheden voor schadevergoeding en schadecompensatie in milieuschadezaken. In de bijdragen van prof. mr. J.B.M. Vranken en prof. mr. drs. G. de Groot wordt het thema in een civielrechtelijk kader geplaatst.

·         Mr. A. de Lange MPA is voorzitter van de sector strafrecht van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch en coördinator van het Kenniscentrum Milieu en Gezondheid.
·         Prof. mr. drs. F.C.M.A. Michiels is hoogleraar bestuursrecht aan de Universiteit van Tilburg.
·         Mr. J.H.G. van den Broek is senior Legal Counsel VNO-NCW - MKB-Nederland.
·         Mr. A.H.J. van den Biesen is advocaat bij Van den Biesen Boesveld Advocaten te Amsterdam.
·         Prof. mr. Th. A. de Roos is hoogleraar Straf(proces)recht aan de Universiteit van Tilburg en raadsheer gerechtshof ’s-Hertogenbosch.
·         Mr. F.P.E. Wiemans is raadsheer in het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.
·         Mr. R. van den Munckhof is senior juridisch medewerker bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch en coördinerend wetenschappelijk medewerker Kenniscentrum Milieu en Gezondheid.
·         Prof. mr. J.B.M. Vranken is hoogleraar methodologie van het privaat recht aan de Universiteit van Tilburg.Prof. mr.drs. G. de Groot is senior rechter in de rechtbank Amsterdam en bijzonder hoogleraar aan de Vrije Universiteit Amsterdam.



€ 25.00 Verkrijgbaar via bol.com of uw lokale boekhandel



Islamitisch bankieren: Van religieuze principes naar financiŽle transactiestructurenIslamitisch bankieren: Van religieuze principes naar financiŽle transactiestructuren
Omar Salah (red.)

Naar aanleiding van het Islamic Finance Symposium dat op 17 november 2010 op de Universiteit van Tilburg plaats vond is deze bundel uitgegeven. Tijdens het symposium werd het onderwerp islamitisch bankieren vanuit een interreligieus, economisch, juridisch en fiscaal perspectief benaderd. In de verschillende bijdragen in de bundel wordt het islamitisch bankieren vanuit deze diverse invalshoeken besproken. De bundel is zowel geschikt voor hen die op zoek zijn naar een inleiding op het onderwerp als voor de meer gevorderde geïnteresseerde. De bundel bevat bijdragen van mr. N.E. Muller (Loyens & Loeff), mr. S.A.J. van Rossum (Van Doorne), drs. A. Rozendal (PwC), mr. O. Salah (Universiteit van Tilburg en De Brauw Blackstone Westbroek), dr. N. Schoon (Bank of London and Middle East), em. prof. dr. H. Visser (Vrije Universiteit, Amsterdam) en mr. A. Westhoff (PwC). De bundel wordt ingeleid met een voorwoord van prof. mr. R.M. Wibier (Universiteit van Tilburg en Allen & Overy) en uitgeleid met een nawoord van prof. dr. S.C.W. Eijffinger (Universiteit van Tilburg).

Voorwoord
prof. mr. R.M. Wibier

I. Introductie tot het islamitisch bankieren
mr. O. Salah

II. De basisbeginselen van islamitisch financieren en financieren zonder rente in het jodendom, christendom en de islam
em. prof. dr. H. Visser

III. Islamitisch financieren onder Nederlands civiel recht
mr. S.A.J. van Rossum

IV. Islamic asset management
dr. N. Schoon

V. Sukuk structuren
mr. O. Salah

VI. Een alternatief voor de financiering van Nederlands beleggingsvastgoed? – Een analyse vanuit fiscaal perspectief
drs. A. Rozendal
mr. A. Westhoff

VII. Islamic finance and taxation: A level playing field in sight?
mr. N.E. Muller

Nawoord
prof. dr. S.C.W. Eijffinger



€ 18.00 Verkrijgbaar via bol.com of uw lokale boekhandel



Style PiracyStyle Piracy
D.C.D. de Ruiter

Fashion is a big, creative industry which is responsible for sales of almost $200 billion in the United States. While the United States provides good protection through its intellectual property law for works such as books, movies and music, it offers only little protection for fashion designs. Fashion designs in the United States can be easily copied, this concept of copying someone else’s fashion design is known as ‘style piracy’. There are people who think that the lacking system of protection for fashion designs is actually beneficial, this is called the ‘piracy paradox’. Opponents of this piracy paradox argue that style piracy destroys the incentives to create and thereby diminishes innovation. This master thesis will discuss the debate between the supporters and opponents of the ‘low IP-equilibrium’ for fashion designs in the United States. Through a comparative study it will enable the reader to understand the current framework of protection for fashion designs in the United States and the way in which it differs with the European framework. The main focus of this master thesis is to show in what way the United States lacks sufficient protection for fashion designs and whether this protection should be strengthened.





Equilibrium in International Commercial ContractsEquilibrium in International Commercial Contracts
Ahmet Cemil Yildirim

Dr. Yildirim was born in Ankara, Turkey in 1979. He holds a LL.B. degree from Yeditepe University, a LL.M. degree from the University of East Anglia and a PhD degree from the University of Rome II “Tor Vergata”. He is currently working as senior lecturer at Istanbul Kemerburgaz University School of Law, and teaches international commercial law and international commercial arbitration at Bahçe şehir and Yeniyüzyıl Universities. Dr. Yildirim’s publications include several articles on international commercial law published in various international law reviews. He also serves as counsel and arbitrator in national and international arbitrations. The 20th Century witnessed many wars, natural disasters, political and financial crises, spread use of information and communication technologies and global trade expansion. These political, economical and social events had some effects on legal systems both in national and international levels. As these events altered the equilibrium of many contracts, legal institutions that regard the restoration of the equilibrium of reciprocal contractual undertakings were developed in the last Century; such as lésion, unconscionability, unfairness, gabin, eccessiva onerosità sopravvenuta, imprévision, Wegfall der Geschäfts-grundlage, işlem temelinin çökmesi and hardship.

In this work the author studies these institutions in the context of national, international and transnational laws from a comparative point of view. The author illustrates how the legal remedies are applied in periods of political and financial crises in the context of various legal systems. You will also find in this book the most complete study of the UNIDROIT Principles’ provisions on gross disparity and hardship that include also the relevant arbitral case law.





Schadeberekening in personenschadezakenSchadeberekening in personenschadezaken
M.J. Neeser en J.L. van Schoonhoven

Op 23 november 2010 heeft de cursus "Schadeberekening in personenschadezaken" van het Kenniscentrum Milieu en Gezondheid plaatsgevonden. Dit was de eerste civielrechtelijke cursus die door dit Kenniscentrum werd georganiseerd.

Dit kennisdocument is een uitgave naar aanleiding van deze cursus. De auteurs M.J (Menno) Neeser, rekenmeester bij het Nederlands Rekencentrum Letselschade en mr. J.L. (Linda) van Schoonhoven, advocaat bij Boer & Van Schoonhoven advocaten, geven hierin een uitgebreid en helder overzicht van de aspecten van de schadeberekening in een personenschadezaak.

Het kennisdocument "Schadeberekening in personenschadezaken" kan als naslagwerk dienen voor eenieder die zich in de praktijk met dit onderwerp bezighoudt.



€ 25.00 Verkrijgbaar via bol.com of uw lokale boekhandel



Principieel BelastingrechtPrincipieel Belastingrecht
Hans Gribnau (red.)

Dit Liber Amicorum werd in mei 2011 aangeboden aan Richard Happé, ter gelegenheid van zijn afscheid als Hoogleraard aan de Universiteit van Tilburg. In de bundel zijn de volgende bijdragen opgenomen:

C.W.M. van Ballegooijen - Moet de meerderheidsregel worden aangepast?
J.W. van den Berge - Reageren op Straatsburg; toetsing van wetgeving aan het verdragsrechtelijke discriminatieverbod (artikel 14 EVRM)
G.J.M.E. de Bont - Fraus legis als anti-misbruikbeginsel: maatschappelijke en ethische opvatting-en en het recht als open stelsel
P.H.J. Essers - Fiscale oorlogsarresten
J.A.G. van der Geld - Ethiek en multinationale ondernemingen
J.L.M. Gribnau - Vrijheid en belastingrecht: een verkenning
G. den Hartogh - Waarom behoren rechtsbeginselen tot het recht?
J.W. Ilsink - Iets over boete en ontneming
E.C.C.M. Kemmeren - De rol van het OESO-Commentaar bij de uitleg van belastingverdragen en het Europese recht: trias politica onder toenemende druk?
P.M.F. van Loon - Waarvan neemt de belastingkamer van de Hoge Raad in cassatie kennis?
A.O. Lubbers - De belastingrechter als wetgever-plaatsvervanger: hoe kan hij zijn beslissing motiveren?J.H.M. Nieuwenhuizen - Horizontale feitenuitleg
E.A.G. van der Ouderaa - De zwanenzang van een bepaling: over de toepassing van het vertrouwensbeginsel bij de beëindiging van staatssteun
M.R.T. Pauwels - Over de problematiek van incommensurabiliteit, het SGP-arrest, en algemene beginselen van behoorlijk bestuur
T.W.M. Poolen - Horizontalisering van het toezicht: veranderingen in de verhoudingen
C. van Raad - De verdelingsregels van het OESO Modelverdrag: vragen rond rechtszekerheid en doelmatigheid – een korte verkenning
J.P.F. Slijpen - De hardheidsclausule, sluitstuk van de rechtsbescherming?
L.G.M. Stevens - Alles wat rechtswaarde heeft is weerloos
S.A. Stevens - Maatschappelijke ondernemingen en ethiek: heeft de overheid een voorbeeldrol?
I.J.F.A. van Vijfeijken - De bedrijfsopvolgingsfaciliteiten in het licht van het gelijkheidsbeginsel



€ 25.00 Verkrijgbaar via bol.com of uw lokale boekhandel



Schadecompensatie bij overschrijding van de redelijke termijnSchadecompensatie bij overschrijding van de redelijke termijn
Eva van der Veer

Haastige spoed is zelden goed, zeker indien het juridische procedures betreft. Het is immers in ieders belang dat rechtspraak zorgvuldig tot stand komt. Maar juridische procedures kunnen ook té lang duren. Daarom is in art. 6 EVRM het beginsel van de redelijke termijn opgenomen: verdragsstaten zijn verplicht hun rechtspraak zo in te richten dat procedures waarin burgerlijke rechten en verplichtingen worden vastgesteld of de gegrondheid van een ingestelde vervolging wordt bepaald, binnen een redelijke termijn worden afgehandeld. Art. 13 EVRM bepaalt dat iedere burger, wiens rechten en vrijheden uit het EVRM zijn geschonden, recht heeft op een daadwerkelijk rechtsmiddel voor een nationale instantie.

In deze scriptie wordt onderzocht in welke gevallen en op welke wijzen burgers naar Nederlands recht aanspraak kunnen maken op een vorm van compensatie indien in een strafrechtelijke of civielrechtelijke procedure de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 EVRM is overschreden, en of dit een daadwerkelijk rechtsmiddel biedt in de zin van art. 13 EVRM.



€ 17.95 Verkrijgbaar via bol.com of uw lokale boekhandel



Undervalued and Manipulated? Undervalued and Manipulated?
Michelle Oliel

There has been a growing concern in recent years over China’s alleged unilateral and deliberate intervention in the foreign exchange market to prevent the appreciation of its currency relative to other currencies. By engaging in the alleged practice known as “currency manipulation”, China’s critics argue that its maintenance of an artificially undervalued currency in relation to other currencies provides an unfair competitive advantage to Chinese exporters, thereby thwarting global trade. As a result, the consistency of China’s exchange rate arrangements and foreign exchange market intervention with its obligations, namely those under the International Monetary Fund and the World Trade Organization have been called into question. Although exchange rate matters are traditionally viewed as falling under the jurisdiction of the IMF, the trade distorting effects of China’s exchange rate policies have resulted in calls from lawyers, economists, industry and lawmakers alike, demanding remedial trade measures under the auspices of the WTO. By engaging in a historically and empirically informed legal analysis, Undervalued and Manipulated explores whether China’s foreign exchange arrangements and foreign exchange market intervention are consistent with its obligations under the Articles of Agreement of the IMF and whether international trade measures under the auspices of the WTO can be used as an appropriate response to quell China’s alleged manipulation of its currency.

Michelle Oliel holds a Bachelor of Arts in political science from York University (Canada), a Bachelor of Laws from the University of Windsor (Canada) and a Master of Laws in Public International Law from Utrecht University (The Netherlands). Michelle formerly practiced transactional law at a national law firm in Toronto, Canada and was admitted to the Bar of Ontario (Canada) in 2008. She has worked for the former Prime Minister of Canada, the Minister of International Trade (Canada) and has provided political, strategic and  organizational advice to a number of other public figures. Michelle also has extensive political experience assuming various roles on a number of high-profile political campaigns, including Hillary Clinton’s Presidential Campaign.





Examining ex parte in rei patentiExamining ex parte in rei patenti
W. Dammers

What is claimed:

1 A thesis concerning the research whether it should be possible to order an ex parte injunction under
2 Dutch patent laws, and if so under what conditions, compromising;
3 An explanation of what the ex parte injunction is and what requirements apply with regard to Article 1019e of the Dutch Code of Civil Procedure and Directive 2004/48/EC;
4 The interpretation by Dutch courts of those requirements in copyright, trademark right, design right and database right litigations;
5 The history of the ex parte injunction;
6 A comparison with some other European countries;
7 An overview of what requirements should apply;
8 The characteristics of patents and patent litigation;
9 Weighing the balance whether the ex parte injunction should or should not apply in patent litigation





Gezondheidsrecht IIGezondheidsrecht II
L. de Beer

Deze Wolf Study Guide geeft inzicht in het Gezondheidsrecht. In deel 2 zal nader ingegaan worden op de onderwerpen kwaliteit, wetenschappelijk onderzoek, orgaandonatie, keuringen, preventie, gezondheidsbescherming en bevordering, zorg‐ en verzekeringsstelsel, toezicht op gezondheidszorg en de zorginstelling.

Deze studyguide ondersteunt het leerproces. Het is geen volwaardig studieboek, maar zal je langs de belangrijkste begrippen en jurisprudentie leiden.

Ook verkrijgbaar: Gezondheidsrecht I http://www.wolfpublishers.com/book.php?id=673
Deel 1 introduceert het gezondheidsrecht als rechtsgebied. Er wordt in dit deel ingegaan op de behandelingsovereenkomst, de professionele standaard, de patiëntenrechten en het beroepsgeheim.



€ 10.00 Verkrijgbaar via bol.com of uw lokale boekhandel



Gezondheidsrecht IGezondheidsrecht I
L. de Beer

Deze Wolf Study Guide geeft inzicht in het Gezondheidsrecht. Deel 1 introduceert het gezondheidsrecht als rechtsgebied. Er wordt in dit deel ingegaan op de behandelingsovereenkomst, de professionele standaard, de patiëntenrechten en het beroepsgeheim. Daarnaast wordt ingegaan op zowel civiele als strafrechtelijke aansprakelijkheid. Ook worden andere rechtsgangen als het tucht‐ en klachtrecht besproken.

Tot slot wordt gekeken naar de gezondheidsrechtelijke aspecten aan het begin en aan het einde van een mensenleven. Er is tevens een Study Guide Gezondheidsrecht deel 2, waarin o.a. ingegaan zal worden op de onderwerpen kwaliteit, wetenschappelijk onderzoek, orgaandonatie, keuringen, preventie, gezondheidsbescherming en bevordering, zorg‐ en verzekeringsstelsel, toezicht op gezondheidszorg en de zorginstelling. Deze studyguide ondersteunt het leerproces. Het is geen volwaardig studieboek, maar zal je langs de belangrijkste begrippen en jurisprudentie leiden. Er is voor gekozen om het elektronisch patiëntendossier (EPD) (nog) niet op te nemen in deze bundel.



€ 10.00 Verkrijgbaar via bol.com of uw lokale boekhandel



Renewable Energy Tax Incentives and WTO Law: Irreconcilably Incompatible?Renewable Energy Tax Incentives and WTO Law: Irreconcilably Incompatible?
Ni Ghiollarnath, C.

Subsidies in the form of tax incentives are and have been a popular policy choice of governments providing financial support for the development and promotion of new technologies. This thesis concentrates on the introduction of direct corporate tax incentives for the development and increased use of renewable energy resources in light of Kyoto Protocol obligations.  

Although tax incentives provided for the development of renewable energy resources can have positive results in light of Kyoto Protocol obligations, the provision of such incentives is not without restrictions. This thesis examines the tenuous relationship between environmental protection, tax and trade by examining whether direct tax incentives currently in place in six countries (Ireland, the UK, the Netherlands, Belgium, Canada and New Zealand) are in line with EU and WTO obligations. 

EU State aid rules restrict the provision of subsidies by Member States and thus the compatibility of the case study tax incentives with the EU legal environment is explored in this thesis. The examination of the WTO rules on subsidies and the consistency of the case study tax incentives with those rules is explored in-depth. In this book, suggestions are made for positive changes to be made to the current WTO legal regime creating room for environmentally-motivated subsidies such as those in place in the case study countries for the development of renewable energy.





Side effects of the modernisation of the EU competition lawSide effects of the modernisation of the EU competition law
Laura Parret

This book offers an investigation of several aspects of the so-called modernisation of EU competition law. It brings together a number of articles written between 2005 and 2010, supplemented by an overall analysis and forwarding looking conclusion. 

Modernisation affected both the enforcement of competition law (the entry into Reg. 1/2003 and decentralisation), as well as the substantive application of the law (a more economical approach). Five subjects are dealt with in consequent chapters. They all touch on, sometimes unintended, but important side effects of modernisation. The first subject is the level of individual judicial protection offered by the EU courts. The second subject is the interstate trade clause which has acquired a new role after modernisation. The third subject is highly relevant in practice, namely the rules on proof in cartel cases. The book then goes on to examine the crucial issue of the objectives of EU competition law and, finally, devotes an article to the challenging question whether there is still a role for the principle of national procedural autonomy and what effectiveness really still requires now in terms of further harmonisation of national procedures. In a substantial last chapter, the different essays and articles are drawn together and a number of fundamental issues are addressed: the relationship between competition policy and the internal market, the pressures put on the institutional and procedural framework by substantive modernisation, the difficult relationship between decentralisation, convergence and consistency and the need for a sufficient system of judicial protection at the EU level.


Laura Parret worked as an attorney in Brussels from 1993 until 2007 and is now a member of the Belgian Competition Council. She lectures competition law and EU law at Tilburg University. She is a member of the Tilburg Law and Economics Center.





Islamic Finance: Structuring Sukuk in the NetherlandsIslamic Finance: Structuring Sukuk in the Netherlands
O. Salah

The Islamic banking & finance market is growing fast. With an annual growth of 15%, this sector seems much promising. Within the Islamic finance market, sukuk are arguably the most important Islamic financial products. Sukuk are referred to as the Shari`ah-compliant equivalent of bonds. These securities are an excellent instrument to attract investments from the Middle East and Southeast Asia to the Western world. In addition, with a significant Muslim population in Europe, the demand for Islamic financial products seems to be present in Europe as well. Thus, European countries such as the United Kingdom, Germany, France, and Luxembourg, are aiming to become Islamic finance centres. However, Islamic financial products are rather unknown in the Netherlands. This raises the question to the possibilities for Islamic finance, and more in particular for sukuk, in the Netherlands. 

Most of the sukuk issuances have been realised in Dubai and Malaysia, whereby English law concepts are used to structure these transactions. Adapting these instruments to the Dutch legal context requires a thorough understanding of sukuk and of its religious, legal, and transactional requirements. Through an interdisciplinary approach and a comparative study, this research will lead to more insight into Islamic financial principles and Islamic financial contracts, enabling the reader to understand sukuk structures and transactions. The main focus of the study is to analyse the legal aspects of sukuk structure under Dutch civil law.


O. Salah is currently working as Ph.D. Researcher and Lecturer at Tilburg Law School. His doctoral research is on Islamic finance and more in particular on sukuk structures under Dutch civil law. Salah is also affiliated to De Brauw Blackstone Westbroek.

Series Harry Honée Fund Master Thesis Award - Volume 1  





Rekenen met rechtspraakRekenen met rechtspraak
J.A. Visser

In dit boek wordt een jurisprudentieonderzoek besproken van ongeveer 4000 WIPO arbitrageuitspraken op het gebied van conflicten van registratie en gebruik van internetdomeinnamen. In tegenstelling tot traditioneel jurisprudentieonderzoek betrof dit onderzoek een grootschalige structurele analyse, namelijk een juridisch-kwantitatief onderzoek. Bepaalde onderdelen van de analyse, zoals het verzamelen en verwerken van de benodigde (relevante) factoren, werden deels geautimatiseerd. Voor juristen, onderzoekers, advocaten en rechters zou een dergelijke manier van analyseren in deze tijd van digitalisering en een steeds toenemend aantal rechterlijke uitspraken wel eens meer uitkomst kunnen bieden dan traditioneel jurisprudentieonderzoek.





De juridische positie van de internal auditor in NederlandDe juridische positie van de internal auditor in Nederland
L.P.L. de Bruijn

Boekhoudschandalen hebben de aandacht voor corporate governance vergroot. Daarmee is er ook een prominentere rol ontstaan voor de internal auditor. Deze nieuwe rol vereist een goede positie voor deze interne `toezichthouder`, zo concludeert Louis de Bruijn in zijn proefschrift `De juridische positie van de internal auditor in Nederland.` De Bruijn promoveerde donderdag 10 juni 2010 aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.Louis de Bruijn schetst in zijn proefschrift de lastige positie van een internal auditor. Enerzijds bepaalt het bedrijf in kwestie het werkterrein van de auditor, anderzijds zijn het de regels van bijvoorbeeld het NIVRA waar de auditor zich aan moet houden. Tegelijkertijd is voor een aantal onderwerpen juist weer niet helder omschreven welke regels gelden voor auditors. De Bruijn pleit voor een standaardomschrijving van de taken en bevoegdheden van de auditor. Daarnaast is het van belang dat de organisatorische onafhankelijkheid voor de internal auditor goed is geborgd, waarbij de bestaande (wettelijke) regels aangevuld moeten worden met maatregelen door de organisatie. De te betrachten geheimhouding door de internal auditor kan op gespannen voet staan met de wensen van de organisatie of met de informatieverstrekking aan beroepsorganisaties. Ook is het regelen van bevoegdheid voor onderzoeken van belang, met name wanneer er in een organisatie weerstand tegen interne onderzoeken is.



€ 30.00 Verkrijgbaar via bol.com of uw lokale boekhandel





PAge : 1   2   3   4   5   6   7   8   9   10